Het prebiotische potentieel van kruiden is verbluffend en verdient meer onderzoek.

31-03-2018 Nog geen reacties


Hieronder vertel ik over een publicatie dat recent verschenen is in een journaal voor complementaire medicijnen en uitgevoerd is in Amerika.
De uitleg hieronder is wat aan de technische kant, vandaar dat ik dit op deze manier kort samenvat.

Korte samenvatting

Wanneer je darmflora niet goed functioneert, kan er probiotica voorgeschreven worden. Dat zijn de “goede bacteriën” bekend van het drankje Yakult. Je krijgt dan een enorme hoeveelheid bacteriën binnen om aan te sterken.

Het zijn echter niet jouw bacteriën. In de Ayurveda worden plantencombinaties gebruikt om de groei van jouw eigen goede bacteriën te versterken en je slechte bacteriën te verzwakken. Het mooie hieraan is dat je dus geen bacteriën van buitenaf toegediend krijgt maar dat je eigen bacteriepopulatie een update krijgt. In dit onderzoek is aangetoond dat zoethout, rode iep en triphala de goede bacteriën ondersteunen en de slechte bacteriën onderdrukken. Dit is nog nooit eerder op deze manier onderzocht en ook aangetoond. Baanbrekend onderzoek dus dat zeker nog een vervolg zal krijgen.

METHODEN

In anaerobe fecale kweek van mensen is onderzocht of drie kruidengeneesmiddelen, die in de Ayurveda gebruikt worden voor de gezondheid van het maag-darmkanaal, de groei en ruime aanwezigheid van specifieke bacteriesoorten kan veranderen.

RESULTATEN:

Ons maag-darm kanaal bevat een enorm groot aantal micro-organismen die gezamenlijk de microbiota wordt genoemd. Profilering van culturen, aangevuld met Glycyrrhiza glabra (zoethout), Ulmus rubra (rode iep) of Triphala, onthulde ingrijpende veranderingen in humane darm-microbiota. Dit werd aangetoond door middel van 16S rDNA-sequencing[1].

Ieder kruid beïnvloedt een unieke microbiële gemeenschap

Multi Dimensionale Schaalvergroting (MDS)[2] benadrukt dat ieder kruid de vorming van unieke microbiële gemeenschappen aandrijft. De relatieve overvloed van ongeveer een derde van de 299 geprofileerde soorten microbiota werd gewijzigd door alle drie de kruiden, terwijl aanvullende soorten specifieke wijzigingen vertoonden.

  • Kruidensuppletie verhoogde het aantal bacteriën waarvan bekend is dat ze de menselijke gezondheid bevorderen, waaronder Bifidobacterium spp., Lactobacillus spp. en Bacteroides spp.
  • Kruidensuppletie resulteerde in een vermindering van elk soort micro-organisme, waaronder potentiële pathogenen zoals Citrobacter freundii en Klebsiella pneumoniae.

De kruidengeneesmiddelen veroorzaakten een toename van butyraat- en propionaatproducerende soorten, die behoren tot de goede bacteriën. De kruiden Ulmus rubra en triphala verhoogden de relatieve hoeveelheid van butyraat-producerende bacteriën significant, terwijl G. glabra de grootste toename van propionaat-producerende soorten induceerde.

Butyraat (boterzuur) is een fermentatieproduct van anaerobe bacteriën en komt van nature voor in melk, boter en kaas. Ook bepaalde bacteriën in het colon produceren butyraat, naast nog andere korte-keten vetzuren zoals propionaat en acetaat.

Glycosiel hydrolase families

Om meer inzicht te krijgen in de mechanismen waardoor kruidengeneesmiddelen microbiële gemeenschappen veranderen, beoordeelden de auteurs de verschuivingen in overvloed van glycosyl hydrolase-families geïnduceerd door elk kruidengeneesmiddel.

Kruidensuppletie, in het bijzonder G. glabra, verhoogde de aanwezigheid en potentiële expressie van verschillende glycosyl hydrolase-families aanzienlijk.

DISCUSSIE

Deze resultaten leveren, voor de eerste keer, bewijs dat de gezondheidsvoordelen van Ayurvedische kruidengeneesmiddelen kunnen worden gemedieerd door glycankathabole activiteiten van het microbioom van de menselijke darm. Deze studies zijn nieuw in het benadrukken van het significante prebiotische potentieel van kruidengeneesmiddelen en suggereren dat de gezondheidsvoordelen van deze kruiden tenminste gedeeltelijk te danken zijn aan hun vermogen om de darmmicrobiotica te moduleren, op een manier waarvan voorspeld is dat ze de functie van het colonepitheel (darmwand) verbetert, bevordering van bescherming tegen bacteriële opportunistische pathogene infectie en ontsteking vermindert.[3]

Komende onderzoeken in klinische studies bij mensen zullen de overeenstemming met de in vitro gegenereerde resultaten en de voorspellingen van genoomanalyses testen.

Uitleg en bronvermelding

[1] Methode om bacteriën te identificeren.

[2] MDS is een middel om het niveau van overeenkomst tussen individuele gevallen van een gegevensset met elkaar te vergelijken.

[3] Opportunistische infectie is een infectie die kan optreden bij mensen met een verminderde afweer, als iemand ziek is en verzwakt is ten opzichte van de normale toestand.

Verschillende benaderingen om de populatie te definiëren, bieden verschillende informatie.
a | Microbiota: 16S rRNA-onderzoeken worden gebruikt om op taxonomische wijze de micro-organismen in de omgeving te identificeren.
b | Metagenoom: de genen en genomen van de microbiota, inclusief plasmiden, die het genetische potentieel van de bevolking benadrukken.
c | Microbioom: de genen en genomen van de microbiota, evenals de producten van de microbiota en de gastheeromgeving.

Bron van dit artikel:
J Altern Complement Med. 2018 Mar 22. doi: 10.1089/acm.2017.0422. Prebiotic Potential of Herbal Medicines Used in Digestive Health and Disease. Peterson CT, Sharma V, Uchitel S, Denniston K, Chopra D, Mills PJ Peterson SN. PMID: 29565634 DOI:10.1089/acm.2017.0422

Plaats een reactie

Uw emailadres is veilig en wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd door *

X