De rugpatiënt die alleen nog maar kon vloeken.

30-05-2019 Nog geen reacties

De rugpatient die alleen nog maar kon vloeken.


“Mogge, ik heb een afspraak hier.” Ik kreeg een stevige handdruk van een potige man met een bos grijs krullend haar die me strak aankeek. Hij was langer dan ik dus keek hij met fronsende ogen naar beneden. Zijn wenkbrauwen liepen door, net als in het zelfportret van Frida Kahlo, wat hem een mysterieuze uitstraling gaf. “Ik weet niet of het zal helpen maar ik ben gestuurd door mijn vrouw. “Ik barst *vloek* van de rugpijn.”

Ik ging hem voor naar mijn consultkamer en bood hem de stoel voor mijn bureau aan. “In zo’n stoel kan ik niet zitten, ik barst *vloek* van de rugpijn. Ik blijf wel staan”. “Ga hier maar op zitten”, ik wees naar mijn hoge massagestoel. Zuchtend ging hij voorover op de stoel zitten en keek me lamlendig aan.

“Ik loop al een jaar met rugklachten. Er is van alles gedaan. In het ziekenhuis zijn foto’s gemaakt omdat ze dachten dat het een hernia was. Zelfs drie keer zijn er foto’s gemaakt. Niets op te zien. *vloek*, man, ik stel me toch niet aan! Fysiotherapie hebben ze ook gedaan. Helpt allemaal niks, sterker nog, het wordt steeds erger. Ik weet niet waar ik het zoeken moet met die kloterug van me” *een vloek erachteraan.

“Wat is er precies gebeurd waardoor u rugklachten kreeg?” “Helemaal niets, dat is het gekke, helemaal niets. Ik stond op een ochtend op en toen schoot het in me rug. Zo is het begonnen. Ik ben niet gevallen, heb me niet verstapt. Helemaal niets. Het was er opeens en is sindsdien niet meer weggegaan.” Twee vloeken.

“Vertel eens iets meer over uzelf. Wat voor werk doet u?”

“Ik ben ondernemer, heb een bouwbedrijf en het laatste wat ik nodig heb in deze groeiende economie is dat ik ziek thuis ben.”

“Bent u dat?” Vroeg ik. “Bent u thuis?”

“Nee, natuurlijk niet. Mijn vrouw ziet me aankomen. Ik ben niet te genieten thuis met deze rotkwaal. Ik zit op kantoor. Ik heb daar een kleine kamer met een bed als het helemaal niet gaat. In de ochtend spreek ik alle orders door met mijn mensen en daarna heb ik even de tijd om te rusten. Zo gaat het al maanden”. Hij liet zijn hoofd moedeloos hangen. In een flits moest ik even denken aan mijn hond Bhima die soms ook zo hangerig kan kijken.

Het werd even stil en ik liet de stilte rustig doorgaan.
“Wat verwacht u van mij?”, vroeg ik.

“Ik weet het niet. Mijn vrouw zei dat u op een andere manier naar kwalen kijkt. Iets met kruiden ofzo of olie voor massage”.

“Houdt u van uw vrouw?” vroeg ik.

Hij zuchtte diep, en weer werd het stil.

“Ik heb het verkloot bij haar. Ik heb vorig jaar iets met een andere vrouw gehad tijdens een beurs in Duitsland. Ze zat in hetzelfde hotel en na een nacht drinken is het me allemaal in mijn kop geschoten.”

“Weet uw vrouw dit?”

“Nee, natuurlijk niet. Ik heb spijt als haren op mijn hoofd”. Ik keek naar zijn volle bos grijs krullend haar.

“Wie weet het nog meer?” Vroeg ik.

“Niemand natuurlijk. Hier heb je het natuurlijk niet over. Ja, u, omdat u vroeg of ik van mijn vrouw hou. Ik heb geen flauw idee waarom ik het u wel vertel”.

“Houdt u van uw vrouw?” vroeg ik voor de tweede keer.

“Mijnheer Peters, ik hou verdomt veel van haar maar ik ben haar niet waardig.

Het klonk opeens heel plechtig voor de man die net daarvoor de ene vloek na de andere liet vallen.

“Hoezo niet waardig?” vroeg ik.

Ik ben alles voor mijn vrouw, ze adoreert me maar ik kan het niet meer verdragen. Ik ben een egoïstische botte hark naast haar. Ze verdient zoveel beter.

“Heb je kinderen?”

“Nee. Mijn zaad is niet goed. Het is zo steriel als wodka. Ook dat nog.”

Heb je een vriend, een broer of iemand anders waar je mee kunt praten?

“Nee, mijn enige broer is overleden aan kanker en mijn twee zussen daar heb ik niet veel mee.”

“Kon u goed met uw broer overweg?”
“Mijn broer”, meneer Peters, “had alles wat ik niet heb. Hij kon goed leren, was een knappe vent om te zien, en daarnaast was hij een van de sympathiekste mensen die ik ooit gekend hebt. Mijn broer, meneer Peters, was mijn grootste vriend. Maar net als mijn vader is hij al vroeg gestorven. Ik was 16 jaar toen ik hem verloor”.

“Praat u tegen uw broer?”

“Wat lult u nou stom. Mijn broer is al 30 jaar dood *vloek*.”

Het werd weer stil. Ik tuurde naar mijn scherm en daarna naar hem.
Hij had zijn handen voor zijn gezicht en onder zijn handen zag ik tranen naar beneden druppelen.

Na een tijdje zei ik zachtjes: “Het lichaam van je broer is niet meer hier maar zijn geest is er wel degelijk. Je kunt je broer altijd om raad vragen. Praat tegen hem en vertel alles wat je kwijt wilt. Over het zaad van je waar geen leven in zit, over je schaamte daarover, over je woede die je karakter kleurt en over je escapade in Duitsland na een nacht drinken.
Vertel hem over je rugklachten en dat dit gebaseerd is op je eigen woede die zich meester maakt van je rug. Vertel alles en blijf dit doen. Je broer zal altijd luisteren omdat hij nooit is weggeweest. Je broer zit in je hart, hij is een deel van jou. Betrek hem dan ook in jouw leven.
Geef hem een plek in je huis. Zet zijn foto op een tafeltje in een ruimte waar je even alleen kan zijn. Maak hem weer een onderdeel van jouw leven”.

Ayurvedische behandeling.

Na dit eerste gesprek is meneer Kahlo (zo noem ik hem maar even vanwege zijn wenkbrauwen) nog acht keer geweest. Ik heb acht keer een uitgebreide marmamassage bij hem gedaan met warme kruidenolie. Zijn hele rug, wervel voor wervel, heb ik losgemasseerd. Na deze massage moest hij van mij in het warme kruidenbad.

In het begin vond hij dit helemaal niets. Met veel gevloek kreeg ik hem de eerste dag zover dat hij toch dat bad in ging. Daarnaast hebben we heel veel gepraat aan de hand van opdrachten die ik hem gaf om te schrijven wat hem dwars zat. Ik vroeg hem eens om te proberen vloeibaar te worden. Daar moest hij zo om lachen dat dit lachen de aanleiding was om inderdaad vloeibaar te worden. Hij verraste mij met zijn mooie handschrift en de kernachtige volzinnen waarin hij zichzelf beschreef.

Ik heb hem mijn 30-minuten schema gegeven waarin staat dat hij 24 zonnegroeten per dag moet doen. In het begin lukte het hem voor geen meter. Maar na drie weken kon hij er een doen zonder dat hij verging van de pijn. Inmiddels 1 jaar later doet hij ze alle 24 en slaat geen dag over. De relatie met zijn vrouw is beter dan ooit.

In zijn huis in zijn werkkamer staat een grote foto van zijn broer met een flesje bier ervoor. Bloemetjes vindt hij niks. Dagelijks praat hij nu met zijn broer over de dingen van de dag. Vloeken doet hij niet meer. “Mijn broer houdt daar niet van” zei hij me toen ik ernaar vroeg.

Wat heeft hem nu geholpen?

Wat de heer Kahlo had en wat hem zijn rugpijn bezorgde is een hoeveelheid kleine dingen die alles bij elkaar ervoor zorgde dat hij ‘opeens’ die rugpijn kreeg.

In de Ayurveda kennen we niet dat er opeens een disbalans optreedt. Ja, wel in het geval van een ongeluk. Dat is wat anders.

Het lichaam is als een geduldige opslagplaats waar je steeds maar weer iets kunt dumpen waar je geen zin in hebt om dit naar behoren op te lossen. Dat kan een tijdje goed gaan maar vroeg of laat is het lichaam te volbeladen om het aan te kunnen. Precies wat bij meneer Kahlo gebeurde bij dat incident in Duitsland.

Dat was bij hem de druppel wat hij zichzelf kon aandoen. Hij vergiftigde zijn lichaam als het ware met zoveel onverwerkte emoties zodat de spanning ondraaglijk werd. Totdat zijn lichaam aangaf dat het niet langer kon. Dat was de enorme rugpijn die hij voelde. Niets te zien op de foto’s maar wel voor de volle honderd procent aanwezig.

Herkent u iemand of misschien uzelf in dit verhaal? Overweeg dan een ABC consult of maak gebruik van het 15 minuten gratis telefonisch consult. Bedenk dat er altijd een oplossing is. Ook voor hem, ook voor haar, ook voor u.

Download mijn Gratis Boodschappengids gevat in een e-book met gezonde producten voor een optimale gezondheid. Zo weet je altijd wat je moet kopen in iedere willekeurige supermarkt.

Plaats een reactie

Uw emailadres is veilig en wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd door *

X